I – In Memorimam

In 2013 overleed mijn moeder, op 7 februari om 09:37 uur. Ik was bij haar toen, samen met mijn zus. Mijn broer was onderweg. Mijn vader was er niet.

Ze is elke dag wel in mijn gedachten. Haar lievelingskleur was rood, ze was een gepassioneerde vrouw met veel humor, bovendien was ze socialist in hart en nieren. Als ze voor ons pannenkoeken bakte floot ze de “Internationale” (een strijdlied van de arbeidersbeweging) en ik kende dit lied als tienjarige dan ook woordelijk uit mijn hoofd. Politiek gezien is rood vandaag de dag niet echt mijn kleur, maar ik koester deze herinneringen, ik word er blij van.

Een portret van mijn overleden moeder “kijkt” dan ook regelmatig naar een frisse bos rode rozen, tulpen, gerbera’s, chrysanten of andere rode rakkers. De vaas waarin ze staan is best groot en ik wilde er graag een rood lint omheen hebben, dat leek me mooi, dus zei ik tegen mijn dochters: Kom, we gaan even naar de Xenos, daar hebben ze vast wel iets roods, wat ik om die vaas kan strikken. Mijn dochters wilden wel eerst even naar de boekhandel. Zo gezegd, zo gedaan. We gingen op de fiets naar de stad. De ene dochter kocht bij de boekhandel een of ander grappig stripboek en de andere dochter kocht “The fault in our stars”.

Toen we buiten kwamen moest ik even slikken. Dit was zo gek! Ik kon het bijna niet geloven. Er lag naast mijn fiets bij mijn achterwiel op de natte straatstenen… een mooi rood lint! Mijn kinderen lachten mijn verwarring weg: “Dat is Toeval, mam!”

Mijn hart zegt iets heel anders, dat begrijp je.  Het uit de hemel gevallen rode lint heb ik natuurlijk meteen opgeraapt en in mijn fietstas gestopt. Ik voelde me zo raar blij en ik wilde pannenkoeken gaan bakken voor de meiden en ik kon mezelf er maar net van weerhouden om niet keihard de “Internationale” te gaan zingen, terwijl we over de brug naar huis fietsten.