Litereet – Ik ga op vakantie en neem mee…

Magisch mooi – Verrassend mooi – Meeslepend mooi

Litereten kun je op allerlei manieren, dat weten we inmiddels wel. Je kunt – heel verantwoord – volgens allerlei vooraf gestelde criteria litereten, zoals ik al heb laten zien in Litereet 1, 2 en 3. Je kunt ook gewoon beginnen met lezen, ervan genieten en daarna… proberen in twee woorden te zeggen wat je van het boek vond. Zie het voorbeeld hierboven: litereten met twee beoordelingswoorden. Deze boeken hebben me alle drie geraakt, op heel verschillende manieren.

Ik heb echt heel erg genoten van de sferen, de schrijfstijlen, de verrassende wendingen en van de thematiek van deze boeken. Bovendien, al zou je alleen maar het boek van Ilja Pfeijffer kiezen, dan hoef je eigenlijk niet meer op reis, maar dan kun je gewoon op vakantie in zijn boek.

Deze drie zijn wat mij betreft aanraders, die je zonder spijt mee zult nemen in je rugzak of vakantiekoffer.

Uit: Grand Hotel Europa, Ilja Leonard Pfeijffer

De eerste die ik sinds lange tijd sprak, afgezien van de weinige afgemeten woorden die ik aan het begin en het einde van de rit had gewisseld met mijn norse taxichauffeur, was een magere, donkere jongen in het nostalgische rode uniform van een piccolo.

De hoofdpersoon, de schrijver en verteller Ilja Leonard Pfeijffer is hier aan het woord en introduceert Abdul, met wie hij af en toe een sigaretje rookt uit zijn lichtblauwe pakje Gauloises Brunes zonder filter.

Welke plek noemde jij thuis voordat je hier kwam? Dit vraagt de schrijver aan de piccolo in het eerste hoofdstuk. Het antwoord van Abdul is: ‘de woestijn’. In alle vierentwintig hoofdstukken die volgen denk je niet meer aan de woestijn, totdat in de laatste twee hoofdstukken langzaam duidelijk wordt, dat terugkeer naar de woestijn onvermijdelijk lijkt, al was het maar uit liefde.

Als simpele neerlandica lukt het mij niet in een korte samenvatting alle verborgen schatten in dit rijke boek puntsgewijs te presenteren. Deze ‘literete’ tekst doet tekort aan de magistrale roman en is niets meer dan een onbeduidende mening van een lezersfan. Bovendien heb ik mijn drie dikke vrienden van Van Dale geraadpleegd bij een aantal woorden: kuras, oscilleren, inertie, eclatant, merenda, instigator en… kauwgomballentieten.

Ook de vele kunsthistorische beschrijvingen vond ik interessant. De beschrijvingen van verschillende soorten toeristen in Europa en de woordenwisselingen tussen Ilja en Cleo waren hilarisch (en soms ontroerend).

Cleo, over een vandalistische Nederlandse toerist in Italië:

Ik hoop, dat hij voor de rest van zijn leven invalide en impotent zijn waardeloze dagen zal slijten met zijn selfie in een zelfmoordflat aan de rand van een nieuwbouwwijk in dat barbaarse kloteland van jou, terwijl de slagregens van de eeuwige herfst zijn ramen en geweten teisteren…

Wat een hysterisch taalgebruik zo nu en dan. Ik ben echt van Clio (en nog meer van Ilja) gaan houden, een bijzonder, sympathiek, erudiet, lief en menselijk stel Europeanen.

Liefs, An.